Wat zijn de gevolgen van de pseudo-eindheffing voor MKB-werkgevers?

Emiel de Waal ·
Ondernemer bekijkt loonstrook aan bureau met autosleutels, bedrijfsauto zichtbaar door raam op de achtergrond.

De pseudo-eindheffing op fossiele leaseauto’s treft MKB-werkgevers direct in de portemonnee: vanaf 1 januari 2027 betalen werkgevers een extra heffing van 12% over de cataloguswaarde van elke benzine- of dieselauto die zij aan werknemers ter beschikking stellen voor privégebruik of woon-werkverkeer. Deze maatregel vloeit voort uit het Belastingplan 2026 en is bedoeld om werkgevers te stimuleren over te stappen op elektrische of waterstofauto’s. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over de gevolgen, uitzonderingen en mogelijkheden voor MKB-bedrijven.

Wie moet de pseudo-eindheffing betalen?

De pseudo-eindheffing is een werkgeversheffing. Elke werkgever die een fossiele auto, dus een benzine- of dieselvoertuig, ter beschikking stelt aan een werknemer voor privégebruik of woon-werkverkeer, is vanaf 1 januari 2027 verplicht deze extra belasting te betalen via de loonaangifte. De heffing rust volledig bij de werkgever en niet bij de werknemer.

Dit geldt voor alle werkgevers, van kleine eenmanszaken tot middelgrote MKB-bedrijven. Ook een directeur-grootaandeelhouder (DGA) die zichzelf een fossiele auto van de zaak ter beschikking stelt, valt in principe onder deze regeling. De overheid richt zich met deze maatregel bewust op de werkgever, omdat die de keuze maakt welk type voertuig het wagenpark vult. Het doel is de werkgever te stimuleren alleen nog elektrische of waterstofauto’s ter beschikking te stellen.

De betaling verloopt via de reguliere loonaangifte en kan maandelijks of jaarlijks worden afgedragen aan de Belastingdienst. De Belastingdienst heeft de maatregel uitvoerbaar bevonden, zoals vastgelegd in de uitvoeringstoets van oktober 2025.

Hoe wordt de pseudo-eindheffing berekend?

De pseudo-eindheffing bedraagt 12% van de cataloguswaarde van de fossiele auto die aan de werknemer ter beschikking is gesteld. De cataloguswaarde is dezelfde grondslag die ook wordt gebruikt voor de reguliere bijtelling. De heffing geldt per auto, per jaar, zolang die auto voor privégebruik of woon-werkverkeer beschikbaar is.

Een concreet rekenvoorbeeld maakt dit inzichtelijk. Stel dat een werkgever een benzineauto met een catalogusprijs van 50.000 euro aan een werknemer ter beschikking stelt:

  • Pseudo-eindheffing werkgever: 12% van 50.000 euro = 6.000 euro per jaar
  • Reguliere bijtelling werknemer (22%): 11.000 euro per jaar als loonvoordeel
  • Bij een belastingtarief van 49,5% betaalt de werknemer daarover: 5.445 euro per jaar

De werkgever betaalt dus 6.000 euro bovenop alle andere loonkosten, terwijl de werknemer zijn eigen bijtelling gewoon blijft betalen. Deze twee heffingen staan volledig los van elkaar en worden allebei afzonderlijk berekend over dezelfde cataloguswaarde.

Wat zijn de financiële gevolgen voor MKB-bedrijven?

Voor MKB-werkgevers met meerdere fossiele leaseauto’s in het wagenpark kan de pseudo-eindheffing een aanzienlijke kostenpost worden. Bij een wagenpark van vijf benzineauto’s met een gemiddelde cataloguswaarde van 45.000 euro loopt de extra jaarlijkse heffing al op tot 27.000 euro. Dat is een structurele lastenverzwaring die direct op het bedrijfsresultaat drukt.

Naast de directe heffingskosten brengt de maatregel ook indirecte gevolgen met zich mee. Werkgevers die hun wagenpark willen verduurzamen, worden geconfronteerd met hogere aanschafprijzen voor elektrische voertuigen en de noodzaak om laadinfrastructuur aan te leggen. Netcongestie kan daarbij vertraging opleveren, en de levertijden voor elektrische bedrijfsauto’s zijn soms lang. Het is daarom verstandig de voertuigvervanging ruim van tevoren te plannen.

Tegelijkertijd biedt de overheid als flankerend beleid een verlaagde bijtelling voor volledig elektrische auto’s. Voor elektrische voertuigen die in 2026 worden ingezet, geldt een bijtellingstarief van 18%. Voor auto’s die in 2027 gaan rijden, geldt 20% over de eerste 30.000 euro cataloguswaarde; alles daarboven wordt belast tegen 22%. Deze korting geldt 60 maanden vanaf de eerste toelating. Overweeg je nu al een elektrische auto te leasen voor je bedrijf, dan profiteer je nog van het gunstigere tarief van 2026.

Welke uitzonderingen en vrijstellingen gelden er?

Niet alle auto’s vallen onder de pseudo-eindheffing. Volledig elektrische en waterstofaangedreven auto’s zijn volledig vrijgesteld. Ook bestelauto’s zijn uitgezonderd, evenals auto’s die uitsluitend zakelijk worden ingezet zonder enig privégebruik of woon-werkverkeer.

Naast de structurele vrijstellingen geldt er een belangrijke overgangsregeling. Voor fossiele auto’s die vóór 1 januari 2027 al aan werknemers ter beschikking zijn gesteld, gaat de extra belasting pas in op 17 september 2030. Dit geeft werkgevers de tijd om hun wagenpark geleidelijk te verduurzamen zonder direct geconfronteerd te worden met de volledige heffing.

De overgangsregeling is gekoppeld aan het voertuig en het moment van eerste terbeschikkingstelling, niet aan de persoon van de werknemer. Dit betekent dat een poolauto die vóór 2027 al in gebruik was, onder het overgangsrecht blijft vallen, ook als die later aan een andere werknemer bij dezelfde werkgever wordt toegewezen. Wisselt de auto echter van werkgever tijdens de overgangsperiode, dan vervalt de overgangsregeling. Wisselen binnen dezelfde werkgever is wel toegestaan.

Een praktisch voorbeeld: wanneer een bestaand leasecontract eindigt op 30 november 2026 en een nieuwe fossiele auto per 1 december 2026 ter beschikking wordt gesteld voor privégebruik, valt deze auto onder de overgangsregeling. In beginsel geldt dan geen pseudo-eindheffing tot 17 september 2030.

Hoe kunnen MKB-werkgevers de pseudo-eindheffing beperken?

MKB-werkgevers hebben meerdere strategische opties om de financiële impact van de pseudo-eindheffing te beperken. De meest directe oplossing is overstappen op elektrische of waterstofvoertuigen, want die zijn volledig vrijgesteld van de heffing. Maar ook wie nog niet direct kan of wil overstappen, heeft handelingsruimte.

  • Maak gebruik van de overgangsregeling: Zorg dat fossiele auto’s vóór 1 januari 2027 ter beschikking worden gesteld aan werknemers. Zo valt het voertuig onder het overgangsrecht en geldt de heffing pas vanaf september 2030.
  • Vervang het wagenpark geleidelijk door elektrisch: Plan de vervanging van fossiele auto’s ruim op tijd in vanwege lange levertijden. Elektrische bedrijfswagens leasen biedt fiscale voordelen en voorkomt de pseudo-eindheffing volledig.
  • Beperk privégebruik contractueel: Auto’s die aantoonbaar uitsluitend zakelijk worden ingezet, zijn vrijgesteld. Overweeg een sluitende rittenregistratie en een verbod op privégebruik in de arbeidsovereenkomst.
  • Onderzoek subsidies: Regelingen zoals de SEBA (Subsidie Emissieloze Bedrijfsauto’s) en de MIA/Vamil bieden financiële steun bij de aanschaf of financial lease van emissieloze voertuigen.
  • Zorg op tijd voor laadinfrastructuur: Netcongestie kan vertraging opleveren bij het aanleggen van laadpunten. Begin hier vroeg mee zodat de overgang naar elektrisch soepel verloopt.

Wie nu al nadenkt over de samenstelling van het wagenpark, staat straks sterker. De combinatie van de pseudo-eindheffing en de verlaagde bijtelling voor elektrische auto’s maakt de businesscase voor verduurzaming steeds concreter.

Wat is het verschil tussen pseudo-eindheffing en reguliere loonheffing?

De pseudo-eindheffing en de reguliere loonheffing op de bijtelling zijn twee volledig afzonderlijke heffingen die naast elkaar bestaan. Het belangrijkste verschil is wie de belasting betaalt en waarover: de pseudo-eindheffing is een extra werkgeversheffing over de cataloguswaarde van de auto, terwijl de reguliere bijtelling een loonvoordeel is dat bij het inkomen van de werknemer wordt opgeteld en door de werknemer zelf wordt belast.

  • Pseudo-eindheffing: Betaald door de werkgever. Grondslag is de cataloguswaarde van de fossiele auto. Tarief: 12%. Doel: werkgevers ontmoedigen fossiele auto’s ter beschikking te stellen.
  • Reguliere bijtelling: Betaald door de werknemer als onderdeel van zijn loonheffing. Grondslag is ook de cataloguswaarde. Tarief: 22% voor fossiele auto’s (of lager voor elektrisch). Doel: het privévoordeel van de auto van de zaak belasten.

Bij een fossiele auto met een cataloguswaarde van 50.000 euro betaalt de werkgever 6.000 euro pseudo-eindheffing per jaar, terwijl de werknemer bij een belastingtarief van 49,5% circa 5.445 euro loonheffing over zijn bijtelling betaalt. De totale fiscale druk op één fossiele leaseauto kan daarmee oplopen tot meer dan 11.000 euro per jaar, verdeeld over werkgever en werknemer.

De pseudo-eindheffing staat daarmee in de traditie van andere eindheffingen in de loonbelasting, maar onderscheidt zich doordat het expliciet een gedragsmatige prikkel is. Waar de bijtelling al decennia bestaat als heffing op een loonvoordeel, is de pseudo-eindheffing een nieuw instrument uit het Belastingplan 2026 dat rechtstreeks is gekoppeld aan het klimaatbeleid en het Klimaatakkoord.

Hoe EDW helpt bij de overgang naar een fiscaalvriendelijk wagenpark

De pseudo-eindheffing vraagt om een doordachte strategie voor je wagenpark. EDW Autolease helpt MKB-werkgevers en ZZP’ers bij het maken van de juiste keuzes, van de samenstelling van het wagenpark tot de meest voordelige financieringsvorm.

  • Onafhankelijk advies: EDW werkt merk-, dealer- en leasemaatschappij-onafhankelijk, zodat je altijd eerlijk advies krijgt dat past bij jouw situatie.
  • Elektrische leaseoplossingen: Of je nu één elektrische auto wilt of een volledig elektrisch wagenpark, EDW begeleidt de overstap van A tot Z.
  • Overgangsregeling benutten: EDW adviseert over het slim inzetten van de overgangsregeling, zodat je de fiscale impact zo lang mogelijk uitstelt terwijl je werkt aan verduurzaming.
  • Financial lease en operational lease: Afhankelijk van je balansvoorkeur en fiscale situatie kiest EDW de financieringsvorm die het beste bij je bedrijf past.
  • Vaste contactpersoon: Geen callcenter, maar één adviseur die je van aanvraag tot aflevering begeleidt.

Wil je weten wat de pseudo-eindheffing concreet betekent voor jouw wagenpark en hoe je de kosten kunt beperken? Neem contact op met EDW Autolease voor persoonlijk advies.